Hielke Meijer
(Assen, 3 juli 2025)
Vaak gaan we op zondag zoeken, mijn vriend Henk Geertsma en ik. Hij is een geweldig bedreven en zeer gedreven stenenzoeker. Alles wat ik weet van prehistorische stenen werktuigen zoeken en beoordelen heb ik van hem geleerd. En in zijn spoor heb ik in de loop der jaren ook steeds vaker vondsten gedaan. Vandaar dat ik hem als eerste noem in dit stuk over de meest bijzondere vondst die ik in Drenthe heb gedaan.

Het was eind oktober 2019. Henk en ik besloten eens te kijken op een plek die we aanvankelijk uit de weg gingen. Dat was omdat het niet ver is van de locatie waar de as van Tjerk Vermaning is uitgestrooid. Hoogersmilde dus, een kanaaldorp met aan weerskanten achter de boerderijen allemaal akkers. Een dorp dat van verre is te vinden door te koersen op de hoge televisietoren die in de winter als een gigantische verlichte kerstboom tegen de horizon afsteekt. Op een van die akkers ligt het Neanderthaler kampement waar tientallen vuistbijlen en andere vuurstenen artefacten zijn opgegraven door professor Tjalling Waterbolk en consorten in de jaren zestig. Hetzelfde clubje professionele archeologen dat enkele jaren later begon de steentijdarcheologie in Nederland naar de verdoemenis te helpen met haar niet aflatende beschuldigingen over de vervalsingen van Tjerk Vermaning, beschuldigingen die overigens maar niet stand willen houden.
Sorry, maar dat moest er eerst ook even uit. Het is daarom namelijk dat ik nooit heb overwogen om mijn bijzondere vondst breder onder de aandacht te brengen. Wat kan mij het oordeel van een professionele Nederlandse steentijdwegwerper schelen. Maar Henk en ik sprongen een gat in de lucht toen we de steen heen en weer in onze handen lieten gaan. En hij zette mij op de foto met op de achtergrond de bomen en het boerenpad naar de akker waar we daarna nog wat mooie vuurstenen werktuigen vonden, Henk dan vooral. En die mocht ik van hem hebben om mijn collectie wat completer te maken. Een mooi mesje, een paar schrabbers en wat puntige artefacten, acht in totaal na nog een paar keer zoeken.
Op dat boerenpad was het. Henk pakte het rechterspoor, ik het linker. Van meters afstand viel mijn oog op een steen met een merkwaardig oppervlak, alsof er wat stukjes af waren gespat. Geen vuursteen, maar een rolkei waarvan er miljoenen langs de Kanaalkust in België en Frankrijk liggen, niet een steen die je Drenthe veel tegenkomt. Dichterbij gekomen zie ik dat er aan één kant inderdaad stukken afgeslagen lijken. Ik begin aan die kant te peuteren met mijn vingers. De steen is keurig in het verharde pad getikt. En die steen ligt vast. Ik wil opgeven, maar spreek mezelf toe dat het te gek zou zijn om er bij weg te lopen ook al heb ik geen klauw of ander gereedschap bij me. Ik krijg een nagel onder het deel dat eraf geslagen lijkt. En dan ineens wip ik zo de hele steen los.
Ik neem de steen in mijn hand, draai hem om en zie dan de afslagen pas goed. Van de ene kant bekeken drie heel duidelijke grote afslagen en wat kleinere die je retouche kunt noemen. En omgedraaid ook wat afslagen aan de kant die boven lag in het pad. Er zit niet eens veel modder aan. Wel een paar klompjes vette ijzeroer die ik zonder nadenken met mijn hand wegwrijf. En ik loop naar Henk die al bijna op de akker is. Ik weet het eigenlijk wel deze keer. Dit is een echte! En dat het een bijzondere is laat Henk me direct weten. Hij doet denken aan een Afrikaanse Oldowan-steen en die zijn anderhalf miljoen jaar of meer oud. Maar zo oud, zou ‘t? Het zal wel ‘gewoon’ een midden-paleolitische chopping tool zijn, wie het weet mag het zeggen.

En nu ligt hij alweer jaren in mijn vitrine. Zou ik hem ooit nog officieel melden? Nee, ze komen maar bij mij, de koffie staat klaar. Vandaar dat ik dit stuk schrijf en hier op deze site plaats. Hopelijk is het een stimulans voor andere om vondsten waar je trots op bent met een kortere of langere verklaring aan deze site toe te voegen. Ik las een paar jaar geleden het verhaal van een man in Drenthe die zomaar een mooie vuistbijl vond, dat meldde, er een krantenartikel bij kreeg geritseld, maar wat er verder mee gebeurt is een raadsel. Laten we de steentijd over aan archeologen die hun leven wijden aan zoektochten in het verre buitenland en binnenslands met de neus in de lucht alleen hun eigen vondsten voor echt verklaren, of gaan we voor ons eigen plekkie op het wereldwijde web? De steentijd is van ons allemaal.


Mooie ‘steen’ . Ja soms zie je van zulke Oldowan of Oldowan achtige ‘ stenen’ sommigen zullen zeggen Oldowannebee stenen. Old Hoogersmilde.. Het aparte in het totaalbeeld..De afwijking temidden van de andere stenen. Zelf heb ik tenminste 1 ‘steen’ met zo’n ‘ primitief’ bewerking door afslag of afslagen..soms ook oldowan upgrade ‘ stenen’ .
Het doet mij bijvoorbeeld denken aan deze ‘ steen’
https://timevaultgallery.com/finest-bone-crushing-african-mode-1-oldowan-pebble-chopper-axe-with-fantastic-wind-erosion-pb187/
Inderdaad wie weet hoe oud. Misschien is Oldowan veels te oud gedateerd ..en verschilt het niet van de ouderdom van jouw artefact.. Korte vraag; jij twijfelt aan artefact etiket en wil je zekerheid? Van wie? Luister naar je gut feedling…ik weet lekker vaag, maar luister er goed naar, want dat gevoel komt ergens weg, dat staat wel ergens in je genen in je herinnering. Ik noem het zelf vaak het goede gevoel..helder weten dat het artefact is , of halffabrikaat, dat je weet dat het niet 100% natuurlijk is, dat er iets mee is gedaan..je kunt het ook niet uitleggen..kennelijk willen mensen bevestiging van een opperwezen ( afgestudeerd of half ( fabrikaat) afgestudeerd archeoloog, wie of wat dan zegt: echtheid certificaat Duyvis nootjes ok! Stempeltje Ik luister naar oordeel, met respect, en soms neem ik het over en leer er van, maar ik vaak zeg ik; ik zie en voel het anders..dit kan niet juist zijn..want het veld laat anders zien, het is antiwetenschappelijk, maar misschien is het een intelligentie trap die anderen nog niet bereikt hebben..en wie weet is dat wel
het heldere weten de echte kennis..dit stuk van jou .ga ik niet wegzetten als geofact..en natuurlijk krijg je debunkers op je nek, : er is een auto overheengereden op pad of crossmotor..en ja dat kan allemaal ( eigenlijk ook indirect door mens gemaakt!) Maar zo kan er onbedoeld ook een verkeerd beeld ontstaan..en ja banden van auto’s en kranen kunnen geofacten doen lijken op artefacten, dat heb ik zelfs zien gebeuren, maar dat gebeurde met aardewerk met steen heb ik het nog niet gezien.. maar goed bewaren..! Koester het als je grootste schat! Laat de bevestiging wens vallen..ik ben blij dat je de ‘ steen’ toont. Dan kun je breder kijken..wie weet wat voor lagen er diep in de Drentse bodem zitten..denk jij dat alle lagen weg zijn door Saalien? Ik denk het niet, ik las laatst in archeologische boek dat dat landijs nooit is geweest in die tijd op plekken waar ze het altijd wel dachten dat het daar is gekomen. Maar misschien was het een foute tekst bij de foto..dat kan ook..maar los van dat denk ik dat er heus nog wel iets moet zijn..ijsgletsjers kilometershoog? Ik moet het geloven, en dat bevalt me niks, het gaat om zeker weten..en niet over wat de consensus is, want consensus is op zich al vals, en onvolledig..
Marcel Broersma, bedankt voor je reactie. Ik wacht niet op erkenning hoor, daarvoor is deze steen te duidelijk bewerkt. Ik heb alleen duidelijk willen maken dat ik met name Marcel Niekus en consorten (of moet ik hierbij ook zijn overgewaardeerde voorgangers in Noord Nederkand noemen) als de eigenaren van een archeologisch spiegelpaleis beschouw. Hun redenaties zijn wat mij betreft irrelevant, ik erken hun titels niet en veracht hun gepoch met hun eigen losse vondsten. Met deze steen kunnen ze naar ik vermoed totaal niet uit de voeten. Het is namelijk geen vuursteen. Maar het is wel een prachtig werktuig gevonden dichtbij het Neanderthalerkampement dat Vermaning ontdekte bij Hoogersmilde. Een kampement dat die benaming mag dragen, omdat een opgraving daarvoor het hewijs leverde. Helaas blijft de stinkende controverse die daarna ontstond maar doorwalmen. De archeologie bestaat wat mij betreft uit een grote verzameling wijsneuzen, baantjesjagers en subsidieslurpers. De tijd zal het leren, maar het duurt al veel te lang.
Ik werd door een lezer geattendeerd op deze reactie en vond het nodig om te reageren.
Om met de steen te beginnen, die heb ik een tijd geleden al voorbij zien komen en heb er notitie van gemaakt i.v.m. een inventarisatie van (mogelijke) midden-paleolithische artefacten van het Drents-Friese keileemplateau dat eind 2026 of begin volgend 2027 zal verschijnen. Het is m.i. zeker een artefact (ik heb niet alleen met vuursteen gewerkt, maar ook met kwartsieten, helleflinten enz), de ouderdom (MP of jonger) laat ik in het midden want zonder nader onderzoek is dat niet goed te bepalen. Dergelijke stukken ken ik ook uit mesolithische en neolithische contexten.
Maar goed, gezien je negatieve reactie vermoed ik dat ik niet welkom ben om de steen (en mogelijke andere MP-artefacten te bestuderen en te lenen voor nader onderzoek). Overigens is niet ver van Hoogersmilde A en B een aantal jaren geleden een zeker MP-artefact gevonden, een duidelijke kling, die in de Nieuwe Drentse Volksalmanak is gepubliceerd.
Beetje jammer is dat je alleen mij en mijn ‘overgewaardeerde’ voorganger (Stapert dus) noemt, en niet alle andere collega’s die onze mening inzake de stenen van Vermaning delen. Ik heb het dan over Wil Roebroeks van de Universiteit Leiden, Eelco Rensink van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en wijlen Henk Kars. Laatstgenoemde was in het begin om het zo maar even te zeggen pleit bezorger van de Vermaning stenen, later heeft hij zijn mening bijgesteld. Overigens behoort ook Leo Verhart tot dit rijtje, ook al deelt hij onze mening aangaande betrokkenheid van Wouters niet. En vergeet ook Jaap Beuker, voormalig conservator van het Drents Museum niet.
Je opmerking dat de archeologie bestaat uit een ‘grote verzameling wijsneuzen, baantjesjagers en subsidieslurpers’ slaat helemaal nergens op. Daar doe je de beroepsgroep duidelijk mee te kort. Blijkbaar schaar je mij daar ook onder.
Ter verduidelijking. Ik ben in 2007 begonnen met ons Neanderthaler-project. Ik heb in al die jaren welgeteld 1 dagvergoeding van 20,- (in 2011 als ik het mij goed herinner) gekregen en ben 4 dagen als specialist betaald om boorresiduen (begin 2025) door te kijken op artefacten. In 19 jaar dus in totaal hooguit 500,-. Een baan heb ik er niet aan overgehouden, ik heb alles in mijn eigen tijd gedaan en heb er zelfs duizenden euro’s op toegelegd (benzinekosten, onbetaalde rapportages geschreven enz). In al die jaren heb ik 1 keer subsidie weten te bemachtigen via de provincie Drenthe voor geologisch booronderzoek. De aanvraag heeft mij weken tijd gekost, ik heb er geen euro aan overgehouden.
Pochen met eigen vondsten is ook niet echt aan de orde. Ik ben 2 keer met een eigen gevonden vuistbijl in de krant gekomen, de laatste keer afgelopen zomer toen ik een exemplaar opraapte in bijzijn van provinciaal-archeologen en gemeentelijk ambtenaren e.a. Dat deze zeer toevallige vondst in de media komt is logisch. Eerste keer was volgens mij in 2009 of daaromtrent. Afgezien daarvan heb ik in al die jaren wel getracht om het Neanderthaler-onderzoek onder de aandacht van het publiek te brengen middels lezingen, interviews, krantenberichten enz. Als ik dat niet had gedaan was het onderzoek naar onze oudste bewoning nooit tot in de provinciale Cultuurnota doorgedrongen en had dit onderzoek geen toekomst gehad. Gezien de vele positieve reacties heeft deze aanpak zin gehad. Dat zul jij als (oud)journalist toch ook begrijpen lijkt mij, zo werkt dat nou eenmaal.
Dat er sprake is van een ‘stinkende controverse’ geldt voor een steeds kleiner wordende groep zoals je ongetwijfeld weet. Er zijn bijna geen amateur-archeologen meer die er mee bezig zijn (zie de ontwikkelingen binnen de APAN), geen professionele steentijdarcheologen en ook bij de provincie spelen de vondsten van Vermaning geen enkele rol, behalve wellicht vanuit historisch perspectief. Afgezien daarvan is er voor de mensen die geloven in de vondsten van Vermaning geen enkel beletsel om zelf te proberen om een internationale onderzoeksgroep op te starten, of om van vondsten zoals Eelde (volgens Klaas ‘Smildien’) een officiële vondstmelding te maken zoals ik hem eerder al suggereerde.
Wat ik in de hele zaak wel betreur is dat als ik mijn mening over de Vermaning-stenen geef, ik de wind van voren krijg en mij allerlei kwalificaties worden toegedicht, maar dat ik andermans mening blijkbaar maar gewoon moet accepteren ook al zijn deze veelal niet gebaseerd op inhoudelijke argumenten. En dat staat onderzoek van andere vondsten die niets met Vermaning te maken hebben jammerlijk genoeg in de weg. Zo heb ik Henk meerdere keren benaderd en gevraagd om zijn vuistbijl van Zeijen te mogen bestuderen, maar daar komt geen enkele reactie op of er wordt zo moeilijk over gedaan dat ik denk laat maar zitten. Zo staat de affaire Vermaning zoveel jaar na dato nog steeds in de weg van wetenschappelijke vooruitgang, weliswaar maar bij een klein aantal Vermaning-aanhagers maar toch. De ‘kloof’ tussen amateurs en professionals wordt door hen zelf, deels onbewust vermoed ik, in stand gehouden.
De archeologie bevindt zich vaak op het snijvlak van wetenschap, politiek en maatschappelijke invloed. De affaire Vermaning is een voorbeeld van hoe de wetenschappelijke praktijk niet alleen wordt bepaald door methoden en feiten, maar ook door de politieke context waarin deze plaatsvindt. De kwestie rondom Vermaning is namelijk meer dan een technische discussie over vervalsingen; het is een voorbeeld van hoe wetenschappelijke autoriteit kan worden uitgedaagd, en tegelijkertijd van de bredere invloed van maatschappelijke en academische belangen.
Als jonge onderzoeker bracht ik op een leeftijd van 16 jaar een aantal vuursteenwerktuigen naar de bekende archeoloog Ruurd Boorman. Tot mijn verbazing betwijfelde hij de authenticiteit van stukken die door de conservator van Les Eyziers, een gerespecteerde autoriteit in het veld, als authentiek werden beschouwd. Dit zette mij aan het denken: waarom was er zo’n discrepantie tussen de beoordeling van verschillende experts? Dit incident maakt duidelijk dat archeologische beoordelingen vaak niet alleen afhankelijk zijn van objectieve wetenschappelijke standaarden, maar ook van persoonlijke overtuigingen, ervaringen en zelfs politieke invloeden!
In de bredere discussie rondom de affaire Vermaning lijkt de kloof tussen verschillende groepen (amateur/beroeps) archeologen zich steeds verder te verdiepen. De sceptische benadering van Boorman was wellicht ingegeven door de grotere context van de affaire Vermaning zelf, waarbij er weinig bereidheid leek te zijn om uitspraken te doen over de echtheid van vondsten die verdacht werden in het geloof van de brenger. 16 Jaar was ik dus wat had ik voor valse bedoelingen? Ik wist toen niet wat ik nu weet. Dit is een opvallend fenomeen, omdat het laat zien hoe wetenschappelijke autoriteit zoals jij soms wordt gefragmenteerd, zelfs binnen de gemeenschap van archeologen zelf. De angst om uitspraken te doen kan vaak worden gezien als een manier om zich te beschermen tegen de politieke implicaties van een dergelijke uitspraak. De affaire Vermaning en de daaruit voortvloeiende debatten wijzen op de delicate balans tussen wetenschappelijk integriteit en de sociale, politieke gevolgen van wetenschappelijke besluiten.
De kloof, zoals jij terecht opmerkt, wordt deels in stand gehouden door de beperkte bereidheid van sommige wetenschappers om controversiële stellingen te heroverwegen, of zelfs te communiceren. Dit is een van de kernproblemen die de zaak Vermaning met zich meebrengt: de vraag of de wetenschappelijke gemeenschap zichzelf effectief afsluit van kritiek en alternatieve verklaringen. Dit is een problematiek die niet alleen betrekking heeft op het onderwerp Vermaning, maar ook op bredere kwesties van wetenschappelijke transparantie en de democratisering van kennis.
De Betrokkenheid van Geertsma, Van der Drift en Van Noort en ik zoals jj in een eerder discussie had genoemd.
Er is weinig twijfel bij mij dat de uitspraken van invloedrijke amateur-archeologen zoals Geertsma, J van der Drift en Van Noort een belangrijke rol hebben gespeeld in de richting van mijn onderzoek naar Vermaning. Toch rijst de vraag of hun verklaringen altijd even objectief zijn geweest, of dat deze verklaringen gedeeltelijk beïnvloed zijn door de bredere academische cultuur en politiek binnen de archeologie waar ze tegen aan lopen. Als wetenschapper als jij, kan het moeilijk zijn om volledig objectief te blijven wanneer er zoveel externe druk is van zowel binnen als buiten de academische gemeenschap. De affaire Vermaning, in combinatie met de controverses rondom vervalsingen, lijkt een complex samenspel van wetenschappelijke onzekerheid en politieke voorkeuren (eigen belangen).
Dat de rapportages van hoogleraar Roebroeks, die internationaal betrokken is bij archeologisch onderzoek, essentieel is in het begrijpen van de wetenschappelijke dynamiek die in deze discussie speelt daar kan je niet omheen. Het is van belang dat wetenschappers zoals Roebroeks in staat zijn om zich kritisch te verhouden tot eerdere uitspraken en bevindingen, en dat ze open staan voor alternatieve verklaringen, zoals de suggestie dat Ad Wouters mogelijk geen medeplichtige is in vervalsingen van Vermaning. Dit geeft aan dat de zaak Vermaning complexer is dan het op het eerste gezicht lijkt, In jullie boek. En dat geeft aan dat ondanks het boek valsheid de veroordeling niet gerechtvaardigd is zonder diepgaand, onpartijdig onderzoek. Peer reviewers hebben heel wat steekjes laten vallen!
De Politieke Implicaties van jou Wetenschappelijke Keuzes
Er is dus een politieke dimensie aan de manier waarop wetenschappers reageren op controversiële kwesties zoals de affaire Vermaning. Verdrag van Malta is daar een van, wetenschappers worden vaak gedwongen om een standpunt in te nemen, zelfs als er onvoldoende bewijs is om een definitieve uitspraak te doen. In dit opzicht wordt wetenschap soms meer beïnvloed door de wens om consensus te bereiken dan door de noodzaak om de waarheid te achterhalen. Dit kan leiden tot een situatie waarin de wetenschappelijke gemeenschap zichzelf afsluit voor nieuwe inzichten, omdat deze inzichten niet overeenkomen met de gevestigde consensus of omdat ze politieke implicaties zouden kunnen hebben.
In dit geval is het van belang om niet alleen te kijken naar de technische aspecten van de vondsten, maar ook naar de bredere implicaties voor het archeologisch vakgebied. Wetenschappers als jij, zouden zich meer bewust moeten zijn van hoe hun werk niet alleen de academische gemeenschap beïnvloedt, maar ook de bredere maatschappelijke en politieke context waarin het plaatsvindt. De zaak Vermaning heeft niet alleen invloed op het vertrouwen in archeologische vondsten, maar raakt ook aan de vraag hoe archeologie zich verhoudt tot het bredere maatschappelijke discours.
Als de archeologische beroepsgemeenschap haar eigen politieke en sociale dynamieken niet kritisch onderzoekt, zal de kloof in de wetenschappelijke discussie over zaken als de affaire Vermaning alleen maar groter worden. Ik ben benieuwd hoe Hielke gaat reageren. Dit is mijn reactie op jou reactie op Hielke.
Het is een behoorlijke jammerklacht deze reactie van Niekus, maar toch ook met een pluspuntje want wat blijkt? Er is toch een zeker MP-artefact gevonden in de periferie van de in situ concentraties A en B, die door Waterbolk en Van der Waals in 1965 werden opgegraven. Er werden daar toen meer dan veertig artefacten aangetroffen in onverstoorde grond. De opgraving werd gepubliceerd in Palaeohistoria XV uit 1973. Dat deze vondsgroep later vals verklaard werd, nota bene door de opgraver Waterbolk zelf, maar nu ondersteund door zijn leerling Dick Stapert, mag gerust de grootste ramp binnen het paleo-onderzoek van ons land worden genoemd. De Vermaning vindplaatsen Hijken en Eemster ondergingen hetzelfde lot. Het betekende meteen ook het einde van het onderzoek naar het ‘verse’ midden paleo zonder windlak dus, op het Drents keileemplateau. De hoop dat met de intrede van de nieuwkomer Marcel Niekus binnen de professionele kring enig positief zicht zou komen op herdeterminatie van deze artefacten, werd snel teniet gedaan. Ook hij verwierp de authenticiteit van het ‘verse’ midden paleo. Hij koos de weg van de minste weerstand, dit om binnen het wereldje mee te kunnen doen. Immers zijn leermeester Stapert stond aan het roer ervan. En nu wil Niekus ons doen geloven dat zijn collega’s Roebroeks, Eelco Rensink, Henk Kars en Leo Verhart, aangevuld met Jaap Beuker ook overtuigd zouden zijn, of waren, van de valsheid van de V-artefacten, en dat de maker ervan wijlen Ad Wouters zou zijn geweest. Dat laatste wordt ongefundeerd beweerd in het boek Valsheid in gesteente, waarvan Niekus mede-auteur is. En natuurlijk dan lijkt het logisch dat hij mede-complotdenkes zoekt. Leo Verhart heeft in een publicatie echter afstand genomen van de bewering dat Wouters de maker zou zijn geweest van de valse V-stenen. En Roebroek heeft in een beschrijving van een symposium georganiseerd door hem in Leiden gememoreerd dat de internationale aanwezigen het door mij (KG) op Eemster opgegraven discoïde vuistbijltje unaniem als authentiek determineerden. De waarde van Jaap Beuker laat ik hier dan maar even buiten beschouwing, hij is een amateur-archeoloog die werkzaam is bij het Drents Museum. Zijn afwijzing kan daarom gekleurd zijn. Maar ik wil toch nog iemand anders noemen, namelijk Sipke van der Zee van De Drents Prehistorische Vereniging. Hij gaf aan dat hij graag een buitenlandse expertise had gezien betreffende het onderzoek naar de valsheid van de V-stenen. Dat dit niet gebeurd was zag hij als een grote misser. Is er dan niemand uit de professionele wereld die de V-stenen als authentiek beschouwt? Ja zeker wel, drs. Evert kramer van het Fries museum is de enige beroeps archeoloog die de moed heeft gehad om er vragen bij te stellen. Hij was de man achter de APAN-expo in het Streekmuseum Volkssterrenwacht Burgum in Friesland 2017/18. In het Fries Dagblad van 5 december 2017 verklaarde hij: ‘De vuistbijlen van Vermaning zijn als boeken op de lijst van verboden boeken’. De affiche met het portret van Vermaning voor deze expo was een absolute blikvanger, meer dan tweeduizend geïnteresseerden bezochten de expo. Tot zover Niekus en Vermaning. In het kielzog daarvan moet wel de weigering van Henk Geertsma gezien worden van het uitlenen van de vuistbijl van Zeijen aan deze archeoloog. Hij had trouwens de vuistbijl van Zeijen wel degelijk kunnen bestuderen zonder Henk er over te hebben hoeven vragen voor toestemming, want deze bijl maakte deel uit van de expo De Zaak Vermaning in het Drents Museum. Afgezien daarvan heeft deze archeoloog bijkans het totale levenswerk van Henk Geertsma afgedaan als naturolieten en meer van die onzin. Dan gaat het om de MP artefacten van Schuilenburg, Rinsumageest, Noord-Burgum, Stad Groningen, Drenthe-Noord, Bakkeveen, Leek, Groeves Wolvega, Schansweg, Een en Zuidbroek. Een speciale vondsgroep wordt door Henk De Wâldgroep genoemd, gevonden bij het Blauwmeer, Zuidbroek en Noord-Burgum. Zie voor de artefacten hier genoemd deze link: https://www.apanarcheo.nl/burgumversie14dec.pdf En daarnaast zijn er nog de vele verse midden paleolithische artefacten gevonden door Govert van Noort op Texel. Mijn Eelde bijltje van de Horst laat ik buiten deze beschouwing. Daar is het laatste woord echter nog niet over gesproken. Dat komt later wel. Ik wil afsluiten met dit citaat van Niekus en mijn antwoord daarop: ‘Wat ik in de hele zaak wel betreur is dat als ik mijn mening over de Vermaning-stenen geef, ik de wind van voren krijg en mij allerlei kwalificaties worden toegedicht, maar dat ik andermans mening blijkbaar maar gewoon moet accepteren ook al zijn deze veelal niet gebaseerd op inhoudelijke argumenten. En dat staat onderzoek van andere vondsten die niets met Vermaning te maken hebben jammerlijk genoeg in de weg. Zo heb ik Henk meerdere keren benaderd en gevraagd om zijn vuistbijl van Zeijen te mogen bestuderen, maar daar komt geen enkele reactie op of er wordt zo moeilijk over gedaan dat ik denk laat maar zitten. Zo staat de affaire Vermaning zoveel jaar na dato nog steeds in de weg van wetenschappelijke vooruitgang, weliswaar maar bij een klein aantal Vermaning-aanhagers maar toch. De ‘kloof’ tussen amateurs en professionals wordt door hen zelf, deels onbewust vermoed ik, in stand gehouden’. Opgemerkt moet worden dat hij Henk nooit persoonlijk heeft benaderd en dat de trainering van de wetenschappelijke vooruitgang volledig voor zijn rekening komt. Uit bovenstaande hebt u kunnen opmaken dat hij geen archeoloog is maar een archeolieg. Zie voor de artefacten van Hijken de link: https://www.apanarcheo.nl/HIJKENvoorGewande2.pdf
@19/ 104 De denticule stukjes, heel herkenbaar
https://www.facebook.com/photo?fbid=3273546749486231&set=pcb.3273546862819553
En niet alleen zulke stukjes ook deze(n)
https://www.facebook.com/photo/?fbid=3267400493434190&set=pcb.3267406963433543
Ik heb er het volgende bijgeschreven, ik filosofeert er op los, maar wel serieus bedoeld
Dezelfde potlid als bij die vuistbijl, zelfde karakteristiek..dat moet toch aanzetten tot denken..De onderste lijkt op potlid, maar die is gemaakt m.i., de slagkelk is te zien naast de depressie..had de bewerker mooi aan beide kanten een plekje om duim in te plaatsen
Is dit gemaakt in zelfde tijd als vuistbijl..welke neanderthaler maakte zulke kleine mini dingetjes? Geen 1, dan is de vuistbijl te stellig aan neanderthaler gekoppeld. Of maakte neanderthaler ook kleine artefactjes? Waar in situ gevonden dan? In Nederland of buitenland? Ik mis dan totaaloverzicht..
Is de potlid op de vuistbijl ontstaan, voordat de vuistbijl werd gemaakt? Of nadien…ik mag beide niet uitsluiten, enkel argumenteren er zit potlid op, dus het is mp, is te stellig..m.i.
Klinkt apart, maar ik lees soms flarden in boeken van Noord Nederland en dan zegt men, waarom zien we nergens of weinig Eemien..en dan krijg je argumentaties: de bossen waren te dicht..geen prooien..maar stel dat de mensen in Eemien er genoeg prooi zagen en de huidige archeologie schaart in principe eemienstukken bij meso en jong paleolithicum.., ja dan denk je dat er amper of geen Eemien is te bekennen, dat houd ik voor mogelijk hierbij bij deze stukken, of men slaat de hele periode 20000vc tot 40000 vc totaal over..ik zie zoveel meso etiketten op ‘ stenen’ die ik eigenlijk te neanderthalerachtig vind..en andersom zie ik stukken die worden met droge ogen bij neanderthaler geplaatst en dan denk ik: het kan ook moderne mens zijn..daar is iets niet rond..ik noem ook wel eens neanderthaler in Eemien die het op z’n mesolithisch deed.., maar zelf denk ik dat in Eemien het al geen raszuivere neanderthaler meer was, de mix zat er toen al in..het was toen al meer modern, homo sapiens dan neanderthaler..
Verkleinde de Eemien menssoort mix hun artefacten omdat het zo bosrijk was? Op andere plekken had ik wel eens de indruk: wat doet deze vuistbijl in mesolithicum?
Marcel Niekus ik dank je voor je reactie, maar ik ben het totaal met je oneens. Ik denk dat je niet gewend bent zo rechtstreeks aangevallen te worden als dat ik heb gedaan in mijn verhaal over Mijn Mooiste Steen, want je duikt volledig in de verdediging. En helaas voor jou, je overtuigt mij opnieuw niet.
Om te beginnen met je veronderstelling dat ik je niet welkom zou heten als je mij zou vragen die mooi bewerkte rolkei van mij eens van dichtbij te bekijken. Ik schreef dat de koffie klaar staat voor die archeologen die de steen willen bekijken en bij me langs willen komen. Die uitnodiging hou ik gestand. Iets anders is of ik denk dat jij nou de persoon bent om het in een goed onderzoek op te nemen.
Verder praat je over mijn hoofd heen over je bijzondere inzet voor de steentijd in Noord Nederland. Ik vind het jammer voor je dat je blijkbaar geen betaalde functie in je vakgebied hebt gevonden nadat je promoveerde (iets met een onderzoek naar een prehistorisch oeroskerkhof oid in de Tjongervallei geloof ik, niet ver van mijn geboortegrond). Des te opvallender is het hoezeer jij erin geslaagd bent toch zo’n onvermijdbare autoriteit te worden dat een journalist van het Dagblad van het Noorden klakkeloos opschrijft wat jij allemaal beweert. Dat was niet mijn werkwijze toen ik nog journalist was.
De zaak Vermaning hangt boven dit alles en ik schreef dat het een stinkende controverse heeft opgeleverd die maar door blijft walmen. Daar ben jij de meest uitgesproken hedendaagse aanjager van. De zaak is simpel. Vermaning vond op een akker in Hoogersmilde in de jaren zestig veel neanderthalerwerktuigen. Professor Waterbolk cs deden een opgraving en vonden er nog veel meer. Maar ze sleepten een aantal jaren later Vermaning voor de rechter, want hij zou alles vervalst hebben. Helaas voor hen, na een proef met een vuistbijl in het hoger beroep bleek die enige glans te vertonen op het oppervlak. Dat werd duidelijk toen er in de rechtbank een stuk van die vuistbijl werd afgeslagen om de binnenkant te kunnen vergelijken met de buitenkant. Dat is van belang, omdat voor het ontstaan van glans op vuursteen er duizenden jaren voorbijgaan. De bewerking van de vuursteen tot vuistbijl moest dus daarom ook wel vele duizenden jaren oud zijn. Vermaning werd vrijgesproken, het clubje archeologen ging nat. En dat hebben we geweten.
Sindsdien is er op allerlei manieren door deze archeologen en hun opvolgers geprobeerd hun verloren reputatie te herwinnen. Om de valsheid alsnog te bewijzen ben jij bijvoorbeeld met microscopen in de weer gegaan, heb je iets met slijpplaatjes proberen aan te tonen dat wetenschappelijk niet door de beugel kan (zie Tjerkvermaning.nl) en pak je elk detail aan om het grote verzinsel van destijds nog doctorandus Stapert (zijn promotie-onderwerp is niet de moeite van het vertellen waard) maar niet te hoeven verwerpen. Vandaar, ik vind jou de eigenaar van een spiegelpaleis. Een wonder dat je nog publiek daarvoor kunt vinden.
Triest is het dat je Henk Geertsma beschuldigt van tegenwerking. Iemand die zo vol vooroordelen zit als jij, moet bij zichzelf te rade gaan. Een wetenschapper die complottheorieën nodig heeft om zijn verhaal over de zogenaamde vervalsingszaak Vermaning rond te breien, die is geen wetenschapper in mijn ogen. Dat is iemand die de wetenschap bewust tegenhoudt puur uit eigenbelang. Dat deed Stapert, dat deed Waterbolk en dat doe jij samen met ene Frans de Vries. Jullie houden kritische geluiden op jullie facebookpagina’s bijvoorbeeld tegen en nu ik jullie houding openlijk heb verworpen doe je plots heel zielig.
Voor je inkomen uit de archeologie heeft mijn kritiek op jou geen effect, want je houdt er al zo goed als niks aan over. Maar aan je reputatie kom ik wel. Een anekdote. Ik herinner me dat ik je voor TV Drenthe interviewde over de toen nog recente vondsten ergens bij Assen (inmiddels horen ze tot de vondstgroep Peest geloof ik) van jou en een paar van je gelovigen. Dat nieuwsitem ben je toch niet vergeten? Ik was toen al kenner genoeg om te zien dat er maar een paar artefacten bij waren en een hele hoop steensplinters die jij voor het gemak onder bijzondere vondsten schaarde. En jij pochen dat het de eerste keer was dat er een Neanderthalerkampement was gevonden in Drenthe. Toen ik zei dat Ik me de kampementen van Vermaning herinnerde spatte je uit je stoel overeind. Ik moest je kalmeren en vroeg je weer voor de camera te gaan zitten. Dat vraag ik je nu opnieuw. Ga eens rustig zitten Marcel en begin van voren af aan. Het is verdomd laat en je reputatie ligt in gruzelementen, maar wellicht krijg je nog eens een keer terecht respect.
Hielke, ik ben conservatief in het beoordelen van dergelijke vondsten, maar de kans dat dit door mechanische druk is ontstaan lijkt me uitgesloten. Gezien jou afbeeldingen. Jou unieke vondst van onze allervroegste voorouders geeft een in kijk wat de toekomst nog meer aan het licht zal brengen.
Het werkwoord geloven komt vaak langs. Ik lees: mensen die geloven in Tjerk Vermaning’s vondsten. Het is bij mij eerder zeker weten, niet geloven. Iedereen die zijn ‘stenen’ ziet liggen in veld , raapt deze op. Diegenen hebben niet de verdenking belast, of besmet met criminele handeling, zij zijn geen scharensliep’ Voor mij zijn ‘ de stenen’ niet vervalst. Maar koppeling aan menssoort Neanderthaler vind ik te stellig, ..laat de menssoort aub weg,..dan is het m.i. al dragelijker, dat hijgerige scoren met Neanderthaler etiket. Je kunt blij zijn met artefact toch? En natuurlijk eis ik een in situ met Neanderthaler resten, met dna, dus een echte in situ.goed onderzocht, elk steentje bekijkend.en dan gehalte dna van de menssoorten, maar kennelijk bestaat er alleen maar 100% Neanderthaler of 100% Moderne mens..De tussenvormen, de mengvormen in ras en artefacten zie ik nergens terug..De overgangen..
Er zijn archeologen die zeggen: die kling is van Neanderthaler, met droge ogen, echter waarop wordt dit gebaseerd? Dat mis ik zeer in de boeken hieromtrent..Men wijst naar typen, men wijst naar Frankrijk, alsof de menssoortkoppeling met artefactentype daar kloppend is en valide..nergens lees ik de mix der soorten..
Alle argumenten voor oppervlakteverschijnselen om iets Neanderthaler te noemen zeggen mij niets, want de artefactstenen in veld laten het tegenovergestelde zien, ik heb lak aan windlaktheorie die zegt dat op basis daarvan je een cesuur kunt bepalen; dat is mp of dat is Neanderthaler….op de Facebook pagina van Marcel Niekus toonde Henk Geertsma een foto met stenen, de vraag was: Marcel Niekus zie jij artefacten? Zijn antwoord was misschien 1, de rechtse ..ik zei; ik heb moeite om er geen één te zien…. en ik denk dan wel eens: is dat gewoon omdat ze versig lijken ( versig, vage term m.i. ) want straks zijn er toch verse vuistbijlen, die uiterlijk van Vermaning hebben, of schaven..in dat HZ veld vond ik genoeg, ook een zelfde schaaf, die Stapert als laat eemien of begin weichselien beschreef te Almelo.., maar die is versig, ik kan zelfs zien dat negatieven exact zelfde zijn, maar dat mag kennelijk niet voorkomen van de wetenschap in bepaalde kringen.., maar goed ik blijf het volgen..voor mij is nog niks Neanderthaler artefact in Noorden..
Ik vul nog iets aan…stel : bij een opgraving worden deze stukken niet opgemerkt, omdat…( welke reden dan ook) Ik zou dan graag alle stenen zien, die afgewezen worden, ..ik heb zelf ook stukken, ik zag ze nergens, en ik ( je) weet dat het artificieel is..het past niet in de voorwaarden gesteld aan artefactbepaling..het gaat met unanimiteit, met vinger opsteken? Dat lijkt op politiek, het lijkt op rechtspraak, juryrechtspraak..en dat is ‘m.i. haaks staand op wetenschap..bij een opgraving ook, men doet vlak van meters bij meters, maar zien wij als fans, geïnteresseerden alle flinters? Alle kleine steentjes? Nee nooit, je moet blind volgen..datgene wat je niet ziet kan van belang zijn..ik kan er helaas niet op vertrouwen dat alles open en transparant is..en bovendien juist is..
Ik was vanavond bezig met een reactie op de bijdragen van Ton, Klaas en Hielke en toen ik mijn tekstje nog eens doorlas dacht ik, waarom doe ik dit eigenlijk? Waarom spendeer ik tijd aan mensen die mij betichten van leugens (ik heb Henk vorig jaar meerdere keren gemaild over een aankomend onderzoek), van het bewust tegenhouden van wetenschap en ga zo maar door. Jullie zouden zelf eens in de spiegel moeten kijken en je afvragen waarom jullie ver buiten het speelveld staan en niets bereiken. De manier van communiceren wellicht? Het over een kam scheren van alle archeologen als ‘subsidieslurpers’ e.d.? En dan nog wat oneliners zoals ‘je reputatie ligt aan gruzelementen’. Lachwekkend als het niet zo sneue opmerking was. Allemaal prima maar ik steek er geen tijd meer in, en kom mij vooral niet aanzetten met de ‘kloof’ want die houden jullie toch echt zelf in stand. En Ton, schrap mij a.u.b. van de maillijst, het is mooi geweest.
De nadruk op de gedeelde doelstellingen, zoals het verbeteren van kennis en het ontwikkelen van nieuwe theorieën, is een standpunt waar ik het met Marcel Niekus mee eens ben. Ik lees, je hebt Henk meerdere keren benaderd en gevraagd om zijn vuistbijl van Zeijen te mogen bestuderen. Maar, waarom alleen die vuistbijl? En niet de andere objecten van Henk, om verder te onderzoeken, als je bereidheid tot samenwerking en het opbouwen van vertrouwen in het wetenschappelijke veld? Ik ben van mening dat iemand die oprecht gelooft te weten wat juist is, niet te beschuldigen is van leugens, hoewel dit niet altijd betekent dat die persoon ook gelijk heeft. De kloof in de discussie wordt niet alleen gevoed door de inhoudelijke kwesties, maar ook door de sociale dynamieken.
Heb daarvan weinig terug gevonden Marcel. Wel ben ik niet vergeten dat ik aangeklaagd zou worden door het niet officieel aanmelden van de vuistbijl. Wat ik wel gelijk heb gedaan toen ik hem vond. Het tegenhouden van wetenschap is absurd gesteld waar u beter achter uw oren kan krabben. Wat u laat liggen voor uw belangrijk onderzoek naar midden paleo. Wat ik in tientallen jaren heb gevonden. In uw ogen incerto facto . Maar ben blij dat ik een meso kenner ben blijkbaar wat mijn verzameling aan gaat. Dat is het enige wat het is en niet in uw onderzoek past. Ik zit niet op facebook dus heb ook nooit iets op uw site gezet. Zelf geniet ik elke dag van mijn vele vondsten en ontdekkingen die ik in mijn vitrines heb uitgestald in mijn huiskamer. Uw houd bewust wetenschap tegen van hele mooie zeldzame vondsten die het daglicht niet verdragen in uw vreemde opvattingen. Ik voel mij niet serieus genomen door u en de gemiste kans voor verder onderzoek voor de wetenschap. Dat u alleen die vuistbijl verder wilt onderzoeken doet mij pijn. Heel jammer dat u en uw aanhangers het bij het verkeerde eind hebben wat betreft midden paleo. Mijn collectie bestaat uit liever niet gezien materiaal. In het land der blinden is eenoog koning. P.S neem aan toen de bijl in het museum lag u daar veel tijd heeft gehad om de bijl te onderzoeken.
Beste Marcel, ik hou het kort. Dat je een archeolieg bent klopt. Ik wil je even herinneren aan wat je beweerde over Kevin di Modica betreffende Schuilenburg. Een APAN delegatie zou ze volgens jou aan hem hebben laten zien tijdens hun bezoek aan Scladina. Hij zou daarna jouw via een mail te kennen hebben gegeven dat het geen artefacten zouden zijn. Feit is dat we hem geen artefacten van Schuilenburg hebben laten zien. Hij kan jou daar dus nooit een mail over hebben gestuurd. Feit is ook dat je zijn mail even niet terug kon vinden. Conclusie: er was geen mail van hem aan jouw, dit was een leugen om bestwil om je belachelijke afwijzing van Schuilenburg mee in te dekken. En dan is er nog de foute Liesegangringen determinatie van Vermaning artefacten in jullie epos Valsheid in gesteente. Dat gaat verder dan een leugen, dat is bedrog.
Klaas Geertsmaschreef:
augustus 28, 2025 om 3:22 pm
In de discussie die ik met Niekus voer(de) op mijn Facebookpagina schreef hij het volgende: ‘Om met dat laatste te beginnen, je weet dat ik niet de enige ben die de Schuilenburg-vuurstenen als natuurlijke stukken beschouw en daar zijn legio argumenten voor. Ook een Belgische collega (buitenland dus) aan wie je stukken jaren geleden hebt laten zien is van mening dat het natuurproducten betreft schreef hij mij jaren geleden omdat het geen artefacten zijn’. Ik neem aan dat Niekus met die Belgische collega Kevin di Modica bedoelde. Misschien kan Niekus die brief van hem dan hier even plaatsten? Het is eigenlijk meer dan een vraag, ik denk dat het noodzakelijk is dat hij hier die brief gaat plaatsen want daarmee kan hij zijn geloofwaardigheid bekrachtigen.
Beantwoorden
Marcel Niekusschreef:
augustus 28, 2025 om 3:51 pm
Dat zou ik zeker doen als ik zijn mail nog had, maar dat is niet het geval. Maar niets belet je om zijn mening (hoeft echt niet woord voor woord) hier te posten? Jij hebt hem de stukken laten zien, en hij heeft jou blijkbaar verteld wat hij van de stukken denkt.
Hierna plaatste ik een foto van wat we Di Modica op die dag lieten zien. Geen artefacten van Schuilenburg. Bij die foto schreef ik:
Dit is wat er met Kevin di Modica is besproken wat artefacten betreft. Geen enkel artefact van Schuilenburg ligt er op de tafel. Hij kan dan ook nooit een expertise betreffende Schuilenburg met je hebben besproken via mail of anderszins.
Naar aanleiding van de actualisering in 2024 van de Vermaning-website, waarin wordt verwezen naar Frans onderzoek dat aantoont dat Neanderthalers dagelijkse afstanden van ten minste 30 kilometer per dag konden afleggen, de in totaal 257 voetafdrukken zijn gemaakt door een groepje van 10 tot 13 Neanderthalers die in de prehistorie langs de Normandische kust in Frankrijk wandelden, zegt Jérémy Duveau van het Muséum National d’Histoire Naturelle in het tijdschrift New Scientist, dat het transport van vuurstenen artefacten over grotere afstanden niet langer uitgesloten is. In dit licht wordt ook de aanwezigheid van zogenoemd ‘exotisch’ vuursteenmateriaal in Drenthe opnieuw overwogen.
Daarmee blijft zowel de mogelijkheid open dat dit (exotisch) vuursteenmateriaal door Neanderthalers zelf is meegebracht, niet uit te sluiten, en ook, dat dergelijk vuursteen reeds aanwezig was in de oudere sedimentaire afzettingen van de voorlaatste ijstijden niet verplaats, waaruit het later is vrijgekomen aan de oppervlakte vermengd in het keizand door de laatste ijstijd-kappen-verplaatsing.(Het bewijs hiervoor kwam al eerder uit dat oude materiaal van de stuwwallen-vondsten door Ad Wouters dat door Stapert niet is erkend! En niet geheel onbelangrijk om de discussies op de achtergronden te begrijpen!). Deze interpretatie sluit aan bij de visie van onder anderen Harrie Huisman dat,(Zuidelijke soorten (exotisch) in Noord Nederland wel degelijk aanwezig is in bodem van Drenthe. De hernieuwde erkenning van beide scenario’s onderstreept het belang van een interdisciplinaire benadering, waarin archeologische interpretaties worden getoetst aan geologische en geomorfologische inzichten.
Wanneer we de vondsten van Vermaning en Schuilenburg vergelijken met de artefacten die worden besproken in het artikel De invloed van de “prehistorische provincies” van Nieuw-Aquitanië, valt op dat het typologisch sterke MP overeenkomsten vertonen. Het ontstane probleem lijkt echter niet zozeer meer in de typologie en steensoorten te liggen, maar in de interpretatie van de geologische processen die op deze vondsten hebben ingewerkt. Simpelweg, Dof, Hyaliet en Windlak…
Vanuit dit perspectief ben ik van mening dat de verklaring hiervoor niet uitsluitend binnen de archeologie meer kan worden gezocht. Juist de academisch geologen beschikken over de specialistische kennis om de relevante geologische en post-depositionele processen te duiden. Het is daarom wenselijk dat iemand vanuit de geologische leerstoel kan toelichten welke factoren bepalen waarom artefacten al dan niet een glanzend oppervlak vertonen, en welke natuurlijke processen hierbij een rol spelen.
En wat ik dan hierover lees in het boek Valsheid in Gesteente van o.a. Niekus, met mogelijk, waarschijnlijk en grote kans dat het zo is, dat hebben we bij Holland-casino ook.