Deze pagina is in aanbouw en niet volledig voor gebruik!
DRENTHE · GRONINGEN · FRIESLAND
Sporen op vuursteen.
Een veldatlas voor vuurstenen werktuigen uit Drenthe, Groningen en Friesland. Bekijk patina, verwering en beschadiging op menselijke afslagvlakken.
Beoordeel eerst of het stuk door mensen is bewerkt. Patina en beschadiging komen ook op natuurlijke vuursteen voor. Een kenmerk alleen bewijst geen ouderdom of echtheid. Vergelijk bewerkte vlakken met behouden cortex: sporen op de grondstof kunnen ouder zijn dan het werktuig.
35 kenmerken
Cortex
Vaak van wit naar donkerbruin afhankelijk van de infiltratie in de bodem op een artefact.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Cortex
Cortex is de natuurlijke buitenste schil van een vuursteenknol die afkomstig is uit vuursteenlagen of -aders. Deze cortex is meestal (wit) licht van kleur. Wanneer vuursteen lange tijd in de bodem van Noord-Nederland ligt, kan de cortex door infiltratie van ijzerhoudend grondwater verkleuren (vaak van licht tot donker bruin). IJzerverbindingen dringen in de poreuze buitenlaag en kunnen de oorspronkelijk lichte cortex geelbruin tot donkerbruin kleuren.
Afbeeldingen
Synoniemen en verwante termen
Cortex, kalk afzetting geharde kalklaag resteren op vuursteen.
Uiterlijk op het werktuig
Vaak van wit naar donkerbruin afhankelijk van de infiltratie in de bodem op een artefact.
Ontstaan
Natuurlijke schil ontstaan bij vorming van vuursteen in kalkrijke bodems.
Waarop letten bij onderzoek
Bij artefacten die bwerekt zijn kunnen deze cortex lagen nog aanwezig zijn.
Melkpatina, ook wel porseleinpatina
Kalkresten kunnen in de poreuze en zwakkere delen van vuursteen oplossen en naar buiten dringen.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Melkpatina, ook wel porseleinpatina
Melkpatina, ook wel porseleinpatina genoemd, is een witte tot melkachtig witte verkleuring aan de buitenkant van een artefact, die aan het oppervlak van vuursteen kan ontstaan. Het is geen oorspronkelijke kleur van de vuursteen, maar het gevolg van langdurige chemische verwering. Water en stoffen uit de bodem tasten het oppervlak aan, waardoor de buitenste laag verandert en haar donkere, vaak doorschijnende karakter verliest. Het oppervlak krijgt daardoor een doffe, krijtachtige of porseleinachtige uitstraling door kalk resten die uit het vuursteen naar buiten toe trekken.
Bij vuurstenen artefacten kan melkpatina aanwijzingen geven over de omstandigheden waarin het artefact heeft gelegen en over verweringsprocessen die na de vervaardiging hebben plaatsgevonden. De aanwezigheid van patina is echter op zichzelf geen betrouwbare methode om een artefact te dateren, omdat de vorming sterk afhankelijk is van lokale bodem- en milieuomstandigheden.
Afbeeldingen
Synoniemen en verwante termen
Melkpatina of porseleinpatina wordt aangeduid.
Uiterlijk op het werktuig
Kalkresten kunnen in de poreuze en zwakkere delen van vuursteen oplossen en naar buiten dringen.
Ontstaan
Vuursteen bestaat hoofdzakelijk uit silica (SiO₂), maar kan ook fossiele resten, kalkhoudende bestanddelen bevatten. Deze bestanddelen kunnen plaatselijk geconcentreerd en verspreid in het vuursteen voorkomen, vooral in meer poreuze of minder homogeen verkiezelde zones van de vuursteen. Onder invloed van water en langdurige chemische verwering kunnen kalkhoudende bestanddelen oplossen en zich via poriën en microscheurtjes verplaatsen. Aan of nabij het oppervlak kunnen hierdoor lichte, doffe tot melkachtig witte zones zichtbaar worden. Dergelijke oppervlakkige verweringsverschijnselen kunnen bijdragen aan wat bij vuursteen als melkpatina of porseleinpatina wordt aangeduid.
Waarop letten bij onderzoek
Het ophopen aan het oppervlakte. Door verwering kunnen deze kalkhoudende bestanddelen aan het oppervlak zichtbaar worden als lichte of witachtige verkleuringen.
Detail van putjes in een vuursteenoppervlak; vergelijkingsbeeld van natuurlijke vuursteen.
Windlak / windglans
Lakachtige glans, soms met putjes.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Windlak / windglans
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Harry Huisman
Bron
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Eolische glans; geen synoniem voor chemische glanspatina
Uiterlijk op het werktuig
Lakachtige glans, soms met putjes.
Ontstaan
Wind voert zand en stof over het blootliggende artefact. Herhaalde korrelcontacten veranderen het oppervlak. Beschutte of begraven delen kunnen een andere glans houden. Opmerking: Over de oorzaak van glans op vuursteen bestaat discussie. Vaak wordt deze toegeschreven aan windlak, ontstaan door langdurige blootstelling aan wind en zand. Een andere verklaring is dat de glans het gevolg is van chemische processen in de bodem, waarbij opgeloste silica zich opnieuw op het vuursteenoppervlak afzet. Hierdoor kan een dunne, glasachtige glanslaag ontstaan, mogelijk vergelijkbaar met **hyaliet**, een opaalachtige vorm van silica. De glans hoeft daarom niet altijd het gevolg te zijn van mechanische polijsting, maar kan mogelijk ook een chemische oorsprong hebben. Archeologen geven de voorkeur aan de windlak hypothese.
Betekenis en beperkingen
Glans alleen onderscheidt windwerking niet van chemische verandering.
Waarop letten bij onderzoek
Vergelijk beschutte delen met uitstekende ribben.
Bronnen
Vuurstenen windkanter. Natuurlijk vergelijkingsstuk; geen aangetoond werktuig.
Windkantervorming
Afgesleten vlakken met een kiel of scherpe overgang.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Windkantervorming
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Collectie en foto: Sander Koopman
Bron
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Ventifact; eolische facetten
Uiterlijk op het werktuig
Afgesleten vlakken met een kiel of scherpe overgang.
Ontstaan
Langdurig korreltransport langs een blootliggende steen kan plaatselijke afslijting en facetten veroorzaken. Op een werktuig moet worden bepaald of het facet de menselijke afslagen doorsnijdt of op oudere cortex ligt.
Betekenis en beperkingen
Een facet op cortex kan al vóór bewerking bestaan.
Waarop letten bij onderzoek
Volgt de slijtage een natuurlijk oppervlak of doorsnijdt zij afslagnegatieven?
Bronnen
Detail van putjes in een vuursteenoppervlak; vergelijkingsbeeld van natuurlijke vuursteen.
Eolische putjes
Kleine kuiltjes in een glanzend oppervlak.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Eolische putjes
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Harry Huisman
Bron
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Windlakputjes; oppervlaktepitting
Uiterlijk op het werktuig
Kleine kuiltjes in een glanzend oppervlak.
Ontstaan
Kleine zwakke plekken of holten kunnen door korrelcontact worden vergroot. Eerst chemisch opgeloste insluitsels kunnen het beginpunt leveren; putjes hoeven dus niet uitsluitend mechanisch te zijn ontstaan.
Betekenis en beperkingen
Putjes kunnen ook chemisch ontstaan; combinatie en microscopie zijn nodig.
Waarop letten bij onderzoek
Fotografeer oppervlak en putjes met dezelfde verlichting.
Bronnen
Glanspatina inkiezeling en overkiezeling
Vergladding of een dun huidje.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Glanspatina inkiezeling en overkiezeling
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.

Synoniemen en verwante termen
Silica-afzetting in en op het oppervlak
Uiterlijk op het werktuig
Vergladding of een dun huidje.
Ontstaan
Met bodemwater aangevoerde silica kan in open poriën worden afgezet (inkiezeling) of als dunne afzetting op het oppervlak liggen (overkiezeling). Bij inkiezeling worden microscopische oneffenheden/putjes in het vuursteenoppervlak met kiezel (silica) opgevuld. Bij overkiezeling wordt daarnaast een uiterst dun laagje kiezel/opaal óp het oppervlak afgezet. Samen kunnen deze processen het oppervlak opvallend glad en glanzend maken.
Betekenis en beperkingen
Het zichtbare glanseffect bewijst niet welk proces overheerste.
Waarop letten bij onderzoek
Beschrijf eerst het oppervlak; laat een laag mineralogisch toetsen.
Bronnen
Hyaliet / opaalcoating overkiezeling
Een glasachtig silicalaagje.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Hyaliet / opaalcoating overkiezeling
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Voorgestelde verklaring voor sommige glanslagen
Uiterlijk op het werktuig
Een glasachtig silicalaagje.
Ontstaan
Onder geschikte chemische omstandigheden kan amorfe silica worden afgezet. Hyaliet is een glasachtige variëteit van opaal. Voor die specifieke mineralogische naam is meer bewijs nodig dan een glanzend oppervlak.
Betekenis en beperkingen
Hyaliet is niet op glans alleen te determineren. De opvatting dat alle windlak hyaliet is en uitsluitend in Saalien-smeltijs ontstond, is omstreden.
Waarop letten bij onderzoek
Gebruik microscopie en materiaalanalyse; noteer voorlopig “mogelijke coating”.
Bronnen
Schematische uitleg van Oplossing en chemische afronding. Geen echte vondst en niet op schaal.
Oplossing en chemische afronding
Scherpe reliëfdelen worden zachter.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Oplossing en chemische afronding
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Desilicificatie; afronding van rillen, ribben, hoeken en sneden
Uiterlijk op het werktuig
Scherpe reliëfdelen worden zachter.
Ontstaan
Bodemwater kan het silica-oppervlak aantasten. Daardoor kunnen sneden en ribben hun scherpte verliezen. De mate hangt samen met materiaal, vocht, chemie en blootstelling; niet alleen met verstreken tijd.
Betekenis en beperkingen
Afronding kan ook mechanisch zijn.
Cryoturbatie en solifluctie.
Beide processen kunnen bijdragen aan de afronding van ribben op vuurstenen artefacten. Bij cryoturbatie gebeurt dit door herhaaldelijk bevriezen en ontdooien van de bodem. Bij solifluctie zorgt het afsmelten van ijs voor een trage stroming van waterverzadigde grond. Door de beweging en wrijving die hierbij ontstaan, kunnen scherpe ribben en randen van vuursteen geleidelijk afgerond raken.
Waarop letten bij onderzoek
Onderzoek of afslagstructuren vervagen zonder botsbeschadigingen.
Bronnen
Plaatselijke witte patina boven bruin vuursteen; natuurlijk vergelijkingsstuk.
Witte patina / melkpatina
Witte tot crème ondoorzichtige zones.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Witte patina / melkpatina
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Harry Huisman
Bron

Harry Huisman
Bron
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Melkwitte patina; krijtachtige patina
Uiterlijk op het werktuig
Witte tot crème ondoorzichtige zones.
Ontstaan
Een veranderde buitenzone met microscopische poriën verstrooit licht en oogt wit. De zone kan dun, vlekkerig of sterk ontwikkeld zijn. Melkpatina beschrijft de melkachtige verschijning en is geen onafhankelijk ontstaansproces.
Betekenis en beperkingen
Wit kan ook door verhitting ontstaan.
Waarop letten bij onderzoek
Controleer barstjes, glans en kleurverdeling onder een loep.
Bronnen
Sterke witte oppervlakteverandering op natuurlijke vuursteen; geen werktuigfoto.
Porseleinpatina
Wit en opvallend glad of glanzend.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Porseleinpatina
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Harry Huisman
Bron
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Witte glanzende patina
Uiterlijk op het werktuig
Wit en opvallend glad of glanzend.
Ontstaan
Witte oppervlakteverandering kan samengaan met een glad of glanzend oppervlak. “Porselein” beschrijft die combinatie. De term wordt niet overal identiek gebruikt en overlapt met witte patina en glanspatina.
Betekenis en beperkingen
Een beschrijvende variant; geen zelfstandige datering.
Waarop letten bij onderzoek
Noteer kleur en glans afzonderlijk.
Bronnen
Dunne blauwachtige en witte patina op natuurlijke vuursteen. Geen werktuigfoto.
Blauwachtige patina
Blauwe zweem boven donkerder vuursteen.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Blauwachtige patina
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Harry Huisman
Bron
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Melkblauwe, blauwgrijze of dunne witte patina
Uiterlijk op het werktuig
Blauwe zweem boven donkerder vuursteen.
Ontstaan
Een dunne veranderde buitenzone kan boven donker materiaal blauwachtig ogen. Kleur wordt mede bepaald door laagdikte, lichtverstrooiing en ondergrond. Een oorspronkelijk blauwgrijze grondstof kan hetzelfde uiterlijk geven.
Betekenis en beperkingen
Blauw kan ook de oorspronkelijke grondstofkleur zijn.
Waarop letten bij onderzoek
Vergelijk kleur onder wisselende belichting en aan bestaande beschadigingen.
Bronnen
Witte patina en contrasterende beschadigingen op natuurlijke vuursteen. Geen werktuigfoto.
Plaatselijke witte patina
Vlekken of bleke stroken langs beschadigingen.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Plaatselijke witte patina
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Harry Huisman
Bron

Harry Huisman
Bron
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Patinavlekken; witte patinaranden; witte krassen
Uiterlijk op het werktuig
Vlekken of bleke stroken langs beschadigingen.
Ontstaan
Langs microbarsten en op beschadigde delen kan de aantasting anders verlopen dan op intacte vlakken. Verschillende contacten met bodemwater of sediment veroorzaken plaatselijke verschillen in de witte buitenzone.
Betekenis en beperkingen
Verschil in patina hoeft geen verschil in ouderdom te betekenen.
Waarop letten bij onderzoek
Leg de verdeling vast op een tekening of overzichtsfoto.
Bronnen
Wortelpatina op natuurlijke vuursteen. Geen werktuigfoto.
Wortelpatina / vermiculé
Vertakkende, kronkelende lichte lijnen.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Wortelpatina / vermiculé
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Harry Huisman
Bron
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Streperige, dendritische of spaghetti-patina
Uiterlijk op het werktuig
Vertakkende, kronkelende lichte lijnen.
Ontstaan
De chemie aan wortelcontacten verschilt van die van de omringende bodem. Plaatselijke aantasting kan vertakkende etspatronen en witte lijnen achterlaten. De precieze rol van wortelstoffen en bodemchemie moet per situatie worden beoordeeld.
Betekenis en beperkingen
Wortelwerking is een verklaring, geen bewijs uit het patroon alleen.
Waarop letten bij onderzoek
Onderscheid etslijnen van rechte mechanische krassen.
Bronnen
Neolithische vuurstenen bijl, besproken bij bruine moeraspatina.
Bruine ijzerpatina
Gele, oranje tot bruine verkleuring.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Bruine ijzerpatina
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Harry Huisman / STENEN ZOEKEN
Bron

Harry Huisman
Bron
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.

Synoniemen en verwante termen
IJzerimpregnatie; limonietpatina; geel- en roestbruine patina
Uiterlijk op het werktuig
Gele, oranje tot bruine verkleuring.
Ontstaan
Opgelost ijzer kan via poriën en scheuren worden aangevoerd. Bij veranderende zuurstof- en vochtcondities slaan ijzerverbindingen neer. De verkleuring kan een dun oppervlak of een dieper doordrongen zone betreffen.
Betekenis en beperkingen
Dit kan op jonge en oude stukken voorkomen.
Waarop letten bij onderzoek
Controleer verspreiding over afslagvlakken en cortex.
Bronnen
Schematische uitleg van Roodachtige verkleuring. Geen echte vondst en niet op schaal.
Roodachtige verkleuring
Rode of roodbruine zones.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Roodachtige verkleuring
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Rode kleurpatina; roodbruine ijzerverkleuring
Uiterlijk op het werktuig
Rode of roodbruine zones.
Ontstaan
IJzerhoudende bestanddelen kunnen rood kleuren; verhitting is een andere mogelijkheid.
Betekenis en beperkingen
Rode grondstof is niet vanzelf rode patina.
Waarop letten bij onderzoek
Vergelijk de oorspronkelijke kleur met buitenlagen; let op thermische schade.
Bronnen
Gebogen bruine bandering in natuurlijke vuursteen, besproken bij ijzerpatina en Liesegangringen. Geen werktuigfoto.
Liesegangringen
Gebogen of concentrische gekleurde banden in het materiaal.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Liesegangringen
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Harry Huisman
Bron
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Liesegangbanden; ritmische ijzerbandering
Uiterlijk op het werktuig
Gebogen of concentrische gekleurde banden in het materiaal.
Ontstaan
Reactieve stoffen diffunderen door poreus materiaal en slaan bij bepaalde concentraties neer. Dit kan opeenvolgende neerslagzones veroorzaken. Bij ijzerhoudende ontstaansbodem zijn deze vaak bruin. Liesegangringen zijn concentrische banden in vuursteen die ontstaan door diffusie en ritmische neerslag van mineralen. Ze kunnen al aanwezig zijn voordat de vuursteen tot een werktuig wordt bewerkt.
Betekenis en beperkingen
Banden kunnen al in de grondstof aanwezig zijn. Ze dateren het werktuig niet zonder meer. Niet elke bruine lijn is een Liesegangband.
Waarop letten bij onderzoek
Volgen de banden een oude buitenkant, een scheur of de contour van het bewerkte oppervlak? Binnen de petrologie en geologie worden zogenoemde Liesegang-ringen beschouwd als concentrische of bandvormige patronen die ontstaan door fysisch-chemische processen, waaronder diffusie, reactie en precipitatie van opgeloste mineralen in poreus gesteente of sediment.
Een relevante vraag is of vergelijkbare concentrische ringen, banden of streeppatronen ook **secundair op archeologische artefacten** kunnen ontstaan nadat deze gedurende langere tijd in de bodem hebben verbleven. In dat geval zouden bodemvocht en daarin opgeloste minerale bestanddelen in het materiaal kunnen infiltreren of ermee kunnen reageren, waardoor ruimtelijk geordende verkleurings-, neerslag- of reactiepatronen ontstaan die morfologisch overeenkomsten vertonen met Liesegang-structuren.
Indien dergelijke patronen aantoonbaar pas na de vervaardiging en depositie van een artefactzijn gevormd, betreft het geen oorspronkelijk kenmerk van het gebruikte materiaal of het productieproces, maar een post-depositionele fysisch-chemische verandering. De wetenschappelijke vraag is vervolgens in hoeverre dit verschijnsel reeds als afzonderlijk proces is beschreven en geclassificeerd, en of de term Liesegang-ringen hiervoor strikt toepasbaar is. Mogelijk bestaat hier behoefte aan een specifiekere terminologie voor Liesegang-achtige patronen die door langdurige bodeminteractie in archeologische materialen ontstaan.
Bronnen
IJzer langs scheuren en aders
Bruineafzetting langs interne breuken of poriën.
Bekijk kenmerk en ontstaan
IJzer langs scheuren en aders
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Roestaders; ijzerinfiltratie
Uiterlijk op het werktuig
Bruineafzetting langs interne breuken of poriën.
Ontstaan
Water transporteert ijzer langs doorlatende routes.
Betekenis en beperkingen
Geen afzonderlijke datering en niet noodzakelijk Liesegangvorming.
Waarop letten bij onderzoek
Breng scheuren en verkleuring samen in beeld.
Bronnen
Donkere natuurlijke vuursteen, besproken bij zwarte patina. Geen werktuigfoto.
Zwarte patina
Een donkergrijze tot zwarte buitenlaag.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Zwarte patina
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Harry Huisman
Bron

Harry Huisman
Bron
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Donkere natte-bodempatina; moeras- of onderwaterpatina
Uiterlijk op het werktuig
Een donkergrijze tot zwarte buitenlaag.
Ontstaan
Een zuurstofarm milieu kan ijzersulfideverkleuring veroorzaken.
Betekenis en beperkingen
Oorspronkelijk zwarte vuursteen en donkere aanslag kunnen erop lijken.
Waarop letten bij onderzoek
Vergelijk buitenlaag met bestaande breukvlakken; bepaal samenstelling bij twijfel.
Bronnen
Sterke witte oppervlakteverandering op natuurlijke vuursteen; geen werktuigfoto.
Poreuze of matte buitenlaag
Ruw, dof of fijnporeus oppervlak.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Poreuze of matte buitenlaag
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Harry Huisman
Bron
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Krijtige verwering; dof oppervlak; oplossingsputjes
Uiterlijk op het werktuig
Ruw, dof of fijnporeus oppervlak.
Ontstaan
Chemische aantasting verandert de microstructuur.
Betekenis en beperkingen
Ook verse afslagen kunnen weinig glanzen; matheid alleen is geen diagnose.
Waarop letten bij onderzoek
Gebruik strijklicht en microscopie; maak geen nieuwe breuk.
Bronnen
Schematische uitleg van Vorstscheuren. Geen echte vondst en niet op schaal.
Vorstscheuren
Scheuren die het afslagreliëf kunnen doorsnijden.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Vorstscheuren
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Spanningsbarsten; interne vorstbeschadiging
Uiterlijk op het werktuig
Scheuren die het afslagreliëf kunnen doorsnijden.
Ontstaan
Water in toegankelijke poriën en bestaande scheuren kan bij herhaald bevriezen en ontdooien spanning veroorzaken en scheuren laten groeien. Niet elk type vuursteen reageert gelijk. Een onzichtbaar intern gebrek kan later bij belasting openbreken.
Betekenis en beperkingen
Een scheur alleen bewijst geen vorstwerking; slag en hitte zijn alternatieven.
Waarop letten bij onderzoek
Leg beginpunten, vertakkingen en doorsneden vlakken vast.
Bronnen
Vorstsplijting
Afgesprongen delen en onregelmatige of gebogen breukvlakken.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Vorstsplijting
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Natuurlijke spanningsbreuk; vorstafsplijting
Uiterlijk op het werktuig
Afgesprongen delen en onregelmatige of gebogen breukvlakken.
Ontstaan
Wanneer spanning groter wordt dan de lokale sterkte kan een deel van het artefact losspringen. Bestaande scheuren en holten beïnvloeden het verloop. Een schelpvormige breuk is op zichzelf geen menselijke afslag.
Betekenis en beperkingen
Een natuurlijke breuk kan een afslag nabootsen.
Waarop letten bij onderzoek
Zoek samenhang met andere barsten; beoordeel slagkenmerken in combinatie met fossiele resten in het centrum een de breuk.
Bronnen
Door vorst gespleten vuursteen met glanzend oppervlak. Natuurlijk vergelijkingsstuk; geen aangetoond werktuig.
Secundaire vorstsplijting
Een natuurlijke breuk onderbreekt eerder gemaakte afslagnegatieven.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Secundaire vorstsplijting
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Harry Huisman / STENEN ZOEKEN
Bron
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Vorstschade na vervaardiging
Uiterlijk op het werktuig
Een natuurlijke breuk onderbreekt eerder gemaakte afslagnegatieven.
Ontstaan
Een al vervaardigd artefact wordt later door vorstspanning gebroken. De breuk kan oude afslagnegatieven afsnijden. “Secundair” duidt de volgorde ten opzichte van vervaardiging aan, niet een andere soort vorstwerking.
Betekenis en beperkingen
De volgorde is alleen aantoonbaar als de breuk oude bewerking doorsnijdt.
Waarop letten bij onderzoek
Tekenen welke negatieven worden afgesneden; vergelijk patina op beide generaties.
Bronnen
Potlid: ronde spanningsafsplintering
Rond of ovaal komvormig litteken; soms een los schijfje.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Potlid: ronde spanningsafsplintering
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen
Synoniemen en verwante termen
Potlid-litteken; schijfvormige afsplintering
Uiterlijk op het werktuig
Rond of ovaal komvormig litteken; soms een los schijfje.
Ontstaan
Spanning concentreert zich rond een zwakke plek binnen de vuursteen (Fossiel rest). Een gebogen scheur loopt naar het vrije oppervlak en kan een rond schijfje losmaken. De vorm beschrijft de breuk; de oorzaak moet afzonderlijk worden onderzocht.
Betekenis en beperkingen
Extreme temperatuur of temperatuurwisseling kan dit veroorzaken. Vorst en verhitting zijn niet op de vorm alleen te scheiden.
Waarop letten bij onderzoek
Bekijk de breukdoorsnede en aanvullende barsten; registreer oorzaak als onzeker.
Bronnen
Witte beschadigingssporen op natuurlijke vuursteen; vergelijkingsbeeld voor krassen en contactschade.
Gletsjerkrassen en afschuring
Krassen, soms evenwijdig, op een afgesleten oppervlak.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Gletsjerkrassen en afschuring
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Harry Huisman
Bron
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Glaciale slijtage; striaties
Uiterlijk op het werktuig
Krassen, soms evenwijdig, op een afgesleten oppervlak.
Ontstaan
Contact met gesteente tijdens ijstransport kan krassen en slijtage veroorzaken.
Betekenis en beperkingen
Op behouden cortex kunnen deze sporen vóór de vervaardiging liggen. Parallelle krassen zijn op zichzelf niet bewijs van een gletsjer.
Waarop letten bij onderzoek
Bepaal of krassen op cortex of op menselijke afslagvlakken liggen.
Bronnen
Witte beschadigingssporen op natuurlijke vuursteen; vergelijkingsbeeld voor krassen en contactschade.
Paraboolbarstjes en botskringen
Kleine gebogen breukjes, soms in een reeks.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Paraboolbarstjes en botskringen
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Harry Huisman
Bron
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Hoefijzerbarstjes; gedeeltelijke drukringen
Uiterlijk op het werktuig
Kleine gebogen breukjes, soms in een reeks.
Ontstaan
Geconcentreerd contact veroorzaakt plaatselijke breukvorming.
Betekenis en beperkingen
Het patroon alleen bepaalt niet of ijs, watertransport of ander contact de oorzaak was.
Waarop letten bij onderzoek
Vergroot individuele boogjes en de richting van een eventuele reeks.
Bronnen
Schematische uitleg van Drukkegeltjes en stootvlekken. Geen echte vondst en niet op schaal.
Drukkegeltjes en stootvlekken
Kleine kegelige breukjes of bleke impactvlekken.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Drukkegeltjes en stootvlekken
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Contactkegels; kleine witte kneusplekken
Uiterlijk op het werktuig
Kleine kegelige breukjes of bleke impactvlekken.
Ontstaan
Lokale belasting of botsing breekt de microstructuur.
Betekenis en beperkingen
Ook recente druk of bewerking kan contactschade veroorzaken.
Waarop letten bij onderzoek
Controleer overlap met negatieven en patina; beschrijf maat en spreiding.
Bronnen
Schematische uitleg van Krassen door bodembeweging. Geen echte vondst en niet op schaal.
Krassen door bodembeweging
Losse of kruisende krassen op ribben en vlakken.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Krassen door bodembeweging
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Mogelijke cryoturbatiekrassen; contactkrassen
Uiterlijk op het werktuig
Losse of kruisende krassen op ribben en vlakken.
Ontstaan
Een artefact schuurt tijdens verplaatsing tegen sediment of andere stenen. Vorstgedreven bodemvervorming kan die contacten veroorzaken, maar ook andere verplaatsing en recente landbewerking kunnen vergelijkbare krassen achterlaten.
Betekenis en beperkingen
Krassen bewijzen cryoturbatie niet.
Waarop letten bij onderzoek
Vergelijk oriëntatie, doorsnijding, sediment en slijtage op andere vondsten.
Bronnen
Schematische uitleg van Natuurlijke randafsplintering. Geen echte vondst en niet op schaal.
Natuurlijke randafsplintering
Kleine hapjes, onregelmatige retoucheachtige beschadigingen.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Natuurlijke randafsplintering
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Pseudo-retouche; mogelijke cryoturbatie-afsplintering; edge damage
Uiterlijk op het werktuig
Kleine hapjes, onregelmatige retoucheachtige beschadigingen.
Ontstaan
Druk, botsingen of verplaatsing beschadigen dunne randen.
Betekenis en beperkingen
Ook echte retouche en gebruik kunnen vergelijkbare sporen geven.
Waarop letten bij onderzoek
Vergelijk continuïteit, slagoriëntatie en functionele plaats; laat twijfel beoordelen.
Bronnen
Mechanische afronding en afstomping
Afgeronde ribben, stompe sneden en versleten reliëf.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Mechanische afronding en afstomping
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen
Synoniemen en verwante termen
Rolling; snedeslijtage; sedimentabrasie
Uiterlijk op het werktuig
Afgeronde ribben, stompe sneden en versleten reliëf.
Ontstaan
Herhaald contact met sediment verwijdert materiaal aan uitstekende ribben en dunne sneden. Een rollend artefact kan rondom slijten; een deels begraven stuk kan vooral op de blootliggende zijde veranderen.
Betekenis en beperkingen
Niet elke afgeronde rand is verspoeld; chemische verandering kan bijdragen.
Waarop letten bij onderzoek
Beschrijf welke delen zijn afgerond en welke nog scherp zijn.
Bronnen
Schematische uitleg van Recente rand- en oppervlaktebeschadiging. Geen echte vondst en niet op schaal.
Recente rand- en oppervlaktebeschadiging
Lokale frisse breuken of krassen op een ouder oppervlak.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Recente rand- en oppervlaktebeschadiging
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Ploegschade; vertrappingsschade; verse krassen
Uiterlijk op het werktuig
Lokale frisse breuken of krassen op een ouder oppervlak.
Ontstaan
Landbewerking, betreding, verplaatsen of verzamelen kan schade veroorzaken.
Betekenis en beperkingen
Een frisse plek geeft geen exacte ouderdom; afwezigheid van patina is niet beslissend.
Waarop letten bij onderzoek
Fotografeer schade vóór schoonmaken en noteer verzameling en opslag.
Bronnen
Schematische uitleg van Verhittings-potlids. Geen echte vondst en niet op schaal.
Verhittings-potlids
Schijfvormige afsplinteringen, soms veel bijeen.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Verhittings-potlids
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Hitteafsplintering; thermal potlidding
Uiterlijk op het werktuig
Schijfvormige afsplinteringen, soms veel bijeen.
Ontstaan
Bij voldoende verhitting ontstaan interne spanningen rond zwakke plekken. Gebogen breuken bereiken het oppervlak en laten schijfjes afspringen. De gevoeligheid hangt af van grondstof en het verloop van de verhitting. Niet uitgesloten dat extreem lage temperaturen het zelfde effect hebben.
Betekenis en beperkingen
Potlids alleen bewijzen geen menselijke haard. Combineer met thermische barsten, kleurverandering en context.
Waarop letten bij onderzoek
Registreer aantal, grootte en ligging, plus andere hittesporen.
Bronnen
Schematische uitleg van Thermische barsten / craquelé. Geen echte vondst en niet op schaal.
Thermische barsten / craquelé
Een barstennetwerk of uiteengevallen werktuig.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Thermische barsten / craquelé
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Crazing; hittefracturen; thermische fragmentatie
Uiterlijk op het werktuig
Een barstennetwerk of uiteengevallen werktuig.
Ontstaan
Tijdens verhitting en afkoeling kunnen spanning en structurele verandering een netwerk van scheuren opbouwen. Bij verdergaande schade valt het artefact in fragmenten uiteen. Craquelé, potlids en kleurverandering kunnen samen voorkomen.
Betekenis en beperkingen
Niet iedere scheur is een hittespoor.
Waarop letten bij onderzoek
Combineer scheurpatroon, potlids, fragmenten en archeologische context.
Bronnen
Schematische uitleg van Thermische kleur- en glansverandering. Geen echte vondst en niet op schaal.
Thermische kleur- en glansverandering
Kleur of reflectie verandert; soms glanzender breukvlakken.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Thermische kleur- en glansverandering
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Verbleking; rood/paarse verkleuring; hitteglans
Uiterlijk op het werktuig
Kleur of reflectie verandert; soms glanzender breukvlakken.
Ontstaan
Verhitting kan ijzerhoudende bestanddelen en de microstructuur van vuursteen veranderen. Daardoor kan het materiaal verkleuren of de glans van later gevormde breukvlakken veranderen. Niet elke vuursteen reageert met dezelfde kleur of glans.
Betekenis en beperkingen
Hittesporen zijn afhankelijk van grondstof en temperatuur. Witte patina en chemische glans kunnen erop lijken.
Waarop letten bij onderzoek
Beschrijf kleur en glans apart van barsten; behandel hitteglans niet als hyaliet.
Bronnen
Plaatselijke witte patina boven bruin vuursteen; natuurlijk vergelijkingsstuk.
Meervoudige en asymmetrische patina
Verschillende kleuren, lagen of patronen op één artefact.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Meervoudige en asymmetrische patina
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Harry Huisman
Bron

Harry Huisman
Bron
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Patina-overlap; patinaverschil tussen zijden
Uiterlijk op het werktuig
Verschillende kleuren, lagen of patronen op één artefact.
Ontstaan
Een artefact kan aan weerszijden andere bodemcontacten hebben gehad of achtereenvolgens verschillende milieus hebben doorgemaakt. Daardoor kunnen patronen naast of boven elkaar liggen. Asymmetrie is niet automatisch een opeenvolging van afzonderlijke perioden.
Betekenis en beperkingen
Twee kleuren bewijzen niet automatisch twee perioden.
Waarop letten bij onderzoek
Noteer welke laag of lijn een andere doorsnijdt; beoordeel voor- en achterzijde.
Bronnen
Witte patina en contrasterende beschadigingen op natuurlijke vuursteen. Geen werktuigfoto.
Patinaverschil tussen oude en jonge vlakken
Een beschadiging of nieuw negatief wijkt af van een ouder oppervlak.
Bekijk kenmerk en ontstaan
Patinaverschil tussen oude en jonge vlakken
Registreer dit kenmerk op afzonderlijke bewerkte vlakken, sneden en behouden natuurlijke oppervlakken.
Afbeeldingen

Harry Huisman
Bron

Harry Huisman
Bron
Vuursteen Artefactenatlas
Origineel uitlegdiagram; CC0.
Synoniemen en verwante termen
Relatieve volgorde; patina op herbewerkte vlakken
Uiterlijk op het werktuig
Een beschadiging of nieuw negatief wijkt af van een ouder oppervlak.
Ontstaan
Een nieuwe breuk of afslag ontsluit materiaal dat eerder niet aan dezelfde omstandigheden blootstond. Het nieuwe vlak kan anders veranderen dan de buitenzijde. Ook lokale chemie kan het kleurcontrast beïnvloeden.
Betekenis en beperkingen
Ook plaatselijke bodemverschillen kunnen contrast maken. Alleen duidelijke doorsnijding ondersteunt een volgorde.
Waarop letten bij onderzoek
Leg de snijlijnen vast. Herbewerking moet technologisch worden aangetoond.
Bronnen
Geen kenmerken gevonden. Wis de filters of zoek een andere term.
