Nieuws - Uitgelicht

Opnieuw een Neanderthalerkampement ontdekt?

Nieuwe Neanderthalervondst zorgt voor enthousiasme én kritiek

De mogelijke ontdekking van een nieuwe neanderthalervindplaats in Noord-Drenthe door amatuerarcheologen klinkt veelbelovend, maar beroepsarcheoloog Marcel Niekus plaatst er ook duidelijke kanttekeningen bij. Volgens hem is het goed nieuws dat er een plek met zoveel oude artefacten is gevonden, maar had de vondst veel eerder met deskundigen gedeeld moeten worden.

De amateurarcheologen Anne ten Brink en Jan van Rijn vonden op een akker ongeveer 35 stukken vuursteen. Een deel daarvan lijkt tussen de 40.000 en 50.000 jaar geleden door neanderthalers te zijn bewerkt. Daarnaast vonden ze ongeveer twintig stukken zandsteen. Vooral die vondsten willen ze verder laten onderzoeken.

Niekus ziet de mogelijke vindplaats als iets waardevols. In Drenthe en Friesland zijn plekken met meer dan tien artefacten volgens hem niet heel gebruikelijk. Een nieuwe locatie kan daarom belangrijke informatie opleveren over het leven van neanderthalers in deze omgeving.

Toch is Niekus niet alleen enthousiast. Hij vindt het jammer dat de vinders de locatie jarenlang geheim hebben gehouden. Daardoor kon de plek niet worden meegenomen in professioneel archeologisch onderzoek dat eerder in Drenthe plaatsvond. Volgens hem is dat een gemiste kans.

Zijn grootste kritiek gaat over de manier waarop het onderzoek wordt aangepakt. Ten Brink en Van Rijn willen nu zelf verder onderzoek doen naar vooral de zandstenen artefacten. Niekus vindt dat bij een mogelijk belangrijke archeologische vindplaats juist vanaf het begin goed moet worden samengewerkt met deskundigen.

Ook wil hij voorzichtig zijn met conclusies. Hij kent de exacte vindplaats nog niet en heeft maar een klein deel van het verzamelde materiaal bekeken. Daarom kan hij nog niet bepalen hoe belangrijk de ontdekking uiteindelijk is. Dat geldt volgens hem zeker voor de zandstenen voorwerpen: niet ieder stuk steen hoeft automatisch door een neanderthaler bewerkt te zijn.

De kritiek betekent niet dat Niekus de ontdekking onbelangrijk vindt. Integendeel: hij noemt nieuwe neanderthalervindplaatsen zeer welkom. Maar juist omdat zo’n plek mogelijk bijzonder is, vindt hij een zorgvuldige aanpak noodzakelijk. Goede documentatie, toegang tot het materiaal en samenwerking met archeologen zijn volgens hem onmisbaar.

De ontdekkers hopen ondertussen geld te verzamelen voor verder onderzoek. De provincie Drenthe is inmiddels op de hoogte en de locatie blijft voorlopig geheim om te voorkomen dat anderen er zonder toestemming gaan zoeken.

De komende onderzoeken zullen moeten uitwijzen of de zandstenen artefacten inderdaad door neanderthalers zijn gemaakt en hoe belangrijk de vindplaats werkelijk is. Voor Niekus staat vooral vast dat de ontdekking serieus onderzocht moet worden , maar wel op een wetenschappelijk zorgvuldige manier. Hiermee uit Niekus zich kritisch over de werkwijze van amateurarcheologen, die volgens hem niet altijd aansluit bij de wetenschappelijke methoden en standaarden binnen de archeologie.

De beide amateurarcheologen hadden jarenlang mee gezocht op de Neanderthaler-vindplaats bij Peest, waar Marcel Niekus het onderzoek leidde. Dat roept vragen op. Waarom hebben beide amateurs zo lang gewacht? Wat was de reden om hun vondsten niet eerder te melden en niet eerder contact op te nemen met Niekus?

Bron: Dagblad van het Noorden 2 september 2026