Botwerktuig gebruikt door neanderthalers ook voor het villen.

Op een archeologische vindplaats Abri de Maras Saint-Martin-d’Ardèche in Frankrijk is een rendierbot gevonden dat dateert van 105.000 tot 132.000 jaar geleden. Dat bot gebruikten neanderthalers waarschijnlijk als gereedschap om dieren te villen om leer te maken, schrijven onderzoekers in Scientific Reports van 3 december 2025. De wetenschappers denken nu het overtuigend bewijs te hebben gevonden dat neanderthalers voorbewerkte botten niet alleen gebruikten om huiden te polijsten en te doorboren om kleding te maken ook om vacht te villen van karkassen.

Het onderzoek gaat over het analyseren van gereedschappen die door Neanderthalers zijn gebruikt, waarbij men gebruikssporen onderzoekt door een combinatie van technieken zoals 3D-oppervlaktestructuuranalyse en confocale microscopie. De belangrijkste conclusie is dat de slijtage op de gereedschappen veroorzaakt werd door herhaald contact tussen zacht weefsel en bot, wat mogelijk wijst op het villen van karkassen, en niet door natuurlijke processen zoals meestal werd gedacht.

Deze bevindingen wijken af van eerdere interpretaties omdat de gangbare opvatting was dat de gereedschappen van Neanderthalers vooral werden gebruikt voor huidbewerking, zoals het schrapen of snijden van huiden om ze te verwerken. Dit was een vrij breed geaccepteerde theorie op basis van eerdere analyses van gebruikssporen en etnografische analogieën (vergelijking met hedendaagse of historische volkeren).

Wat dit nieuwe onderzoek laat zien, is dat de slijtage op de gereedschappen niet alleen door deze klassieke huidbewerkingsactiviteiten werd veroorzaakt, Dit verschuift de interpretatie van het gebruik van de bot gereedschappen door neanderthalers, van puur huidbewerking naar een breder scala van activiteiten, waaronder de verwerking van dierlijk weefsel bij de slacht, wat mogelijk complexere jachttechnieken en strategische planning bij de Neanderthalers suggereert.

Het verschil zit vooral in de aard van de slijtage en het type contact dat de gereedschappen hebben gehad. De traditionele theorieën gingen ervan uit dat de gereedschappen hoofdzakelijk werden gebruikt voor huid bewerkingen om kleding te maken e.d. die niet zo intensief zijn op het gebied van de slijtage, met natuurlijke slijtage van de vondsten door bewaring in de bodem, terwijl de nieuwe bevindingen wijzen dat die natuurlijke slijtage niet had plaats gevonden door op herhaald, gecontroleerd contact met levend weefsel (bijvoorbeeld tijdens het villen), wat specifieker is en andere vaardigheden en technologie vereist, wat leidt tot nieuwe inzichten in hun levensstijl, cognitieve capaciteiten en culturele complexiteit.

Bron: Doyon, L., Hernando, JM, Moncel, MH. et al. Een botwerktuig gebruikt door neanderthalers voor het villen van karkassen in de Abri du Maras (Frankrijk). Sci Rep (2025). https://doi.org/10.1038/s41598-025-30264-2

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *